bkk logo

In maart en april 2019 heeft BKK op drie locaties in het land veertien tafelgesprekken georganiseerd met direct betrokkenen uit de praktijk van de kinderopvang om mee te denken met de ontwikkelteams van Curriculum.nu. Aan deze tafelgesprekken hebben zo’n 40 professionals uit de kinderopvang (pedagogisch medewerkers, praktijkpedagogen, pedagogisch coaches, locatie- en regiomanagers) deelgenomen.

Vergelijking van de twee curricula

Doelen
Pedagogisch curriculum voor het jonge kind in de kinderopvang
De opdracht van de kinderopvang is vastgelegd in de Wet kinderopvang, gebaseerd op de vier pedagogische doelen van Prof. Dr. Marianne Walraven:

· Het bieden van emotionele veiligheid in een veilige en gezonde omgeving;
· Het bevorderen van persoonlijke competentie;
· Het bevorderen van de sociale competentie;
· Socialisatie door overdracht van algemeen aanvaarde normen en waarden.

Om de kinderopvang te ondersteunen bij het realiseren van deze pedagogische doelen kent het ‘Pedagogisch curriculum voor het jonge kind in de kinderopvang’ een brede, holistische insteek. Er is expliciete aandacht voor zowel de cognitieve- als de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen.

Bouwstenen voor het curriculum voor het primair onderwijs
De opdracht van het onderwijs is drieledig:

1. Kwalificatie
2. Socialisatie
3. Burgerschapsvorming
De onderwijsactiviteiten die moeten leiden tot het realiseren van deze doelen zijn uitgewerkt in het Besluit vernieuwde kerndoelen van 8 oktober 2005.

Tot eind 2019 werkt Curriculum.nu aan bouwstenen voor de herijking van de kerndoelen van het onderwijs (PO en VO) en het ontwikkelen van samenhang tussen de leergebieden. Deze curriculumherziening1 biedt kansen om te zorgen voor doorlopende leerlijnen: een soepele overgang van de voorschoolse periode naar het primair onderwijs, van primair naar voortgezet onderwijs en van voortgezet onderwijs naar vervolgonderwijs.

Inhoud
De inhoud van het ‘Pedagogisch curriculum voor het jonge kind in de kinderopvang’ en de bouwstenen van Curriculum.nu zijn niet zo makkelijk met elkaar te vergelijken.
Curriculum.nu geeft inhoud aan het ‘wat’ van het onderwijs. Het stelt specifieke doelen en beschrijft wat kinderen in het onderwijs minimaal aangeboden moeten hebben gekregen. Het ‘Pedagogisch curriculum voor het jonge kind in de kinderopvang’ geeft meer inhoud aan het ‘hoe’. Het stelt geen doelen maar beschrijft hoe in de kinderopvang een rijke leeromgeving kan worden aangeboden waarin kinderen zich kunnen ontwikkelen.

Aansluiting
Door het verschil tussen het ‘wat’ en het ‘hoe’ wordt in het Pedagogisch curriculum voor de kinderopvang gesproken over emotionele veiligheid en geborgenheid , de integrale ontwikkeling van het kind, het zich welkom kunnen voelen, sociaal- emotionele ontwikkeling en exploratie. De kinderopvang wordt gekenmerkt door een holistisch werkwijze waarbij alle domeinen in het dagprogramma worden geïntegreerd.

De bouwstenen van Curriculum.nu blijven weg van persoonsvorming en verbinden hieraan geen doelen voor het onderwijs. De concrete uitwerking van de kerndoelen in bouwstenen zoals in Curriculum.nu wordt juist in het ‘Pedagogisch curriculum voor het jonge kind in de kinderopvang’ als een gemis ervaren.

De uitwerking van de bouwstenen in Curriculum.nu begint bij de leeftijd van 4 jaar. De ontwikkeling van kinderen voordat ze naar het primair onderwijs gaan blijft daarbij onbesproken. Om tot een betere aansluiting te komen zou bij iedere bouwsteen de ontluikende fase (0) toegevoegd kunnen worden. Daarmee wordt verduidelijkt waar leerkrachten in groep 1 op aansluiten en wat de verwachtingen zijn met betrekking tot de ontwikkeling van kinderen. In fase 0 is de relatie met de echte wereld voor het leren van kinderen van groot belang. Het spelenderwijs kunnen toepassen van de bouwstenen in de eigen context van heel jonge kinderen is een belangrijke voorwaarde. Vanuit de kinderopvang zou bijgedragen kunnen worden aan de aansluiting door expliciet te benoemen op welke manier in fase 0 al aan de diverse bouwstenen aandacht is besteed.

Daarnaast is het woordgebruik en het spreken van dezelfde taal belangrijk om bij elkaar aan te sluiten. Dat is nu nog te veel verschillend.
Het als professionals met elkaar in gesprek gaan over het ‘wat’ van de ontwikkeling van kinderen is in de tafelgesprekken veel genoemd als middel om aansluiting bij elkaars curriculum te vinden. Hiermee kan de kinderopvang de educatieve kwaliteit versterken.
Tegelijkertijd kan het gesprek over het ‘hoe’ vanuit het perspectief van de kinderopvang, een meerwaarde zijn voor het onderwijs om de emotionele veiligheid van kinderen in de groep als belangrijke voorwaarde om te komen tot leren, te versterken.
Daarmee zou de inhoudelijke verbinding tussen kinderopvang en onderwijs expliciet gemaakt kunnen worden.

Reflectie op de bouwstenen

In hoofdstuk 2 van het Pedagogisch curriculum voor het jonge kind in de kinderopvang ‘Het bevorderen van persoonlijke competentie’ is deze competentie uitgewerkt in zes educatieve domeinen:
· Motorische en zintuigelijke ontwikkeling;
· taalontwikkeling;
· denken en ontluikende gecijferdheid;
· de materiele wereld;
· gezonde leefstijl;
· kunst, cultuur en creativiteit.
Voor kinderen vanaf drie jaar komt stimulering van de cognitieve ontwikkeling in de kinderopvang steeds meer in beeld, de ontwikkeling van de pre-academische vaardigheden.

Curiculum.nu heeft in samenwerking met het onderwijsveld acht leergebieden benoemd:
· Burgerschap;
· Nederlands;
· Digitale geletterdheid;
· Rekenen & Wiskunde;
· Bewegen & Sport;
· Kunst & Cultuur;
· Mens & Natuur,
· Mens & Maatschappij.

In totaal zijn in de tafelgesprekken vijf leergebieden van Curriculum.nu verkend. Dit zijn de leergebieden die op het eerste gezicht het meest aansluiten bij de ontwikkelingsfasen van kinderen in de kinderopvang. Elk leergebied is gekoppeld aan een element dat is uitgewerkt in het Pedagogisch curriculum.

In de kinderopvang is het bieden van emotionele veiligheid als voorwaarde om te leren, die gecreëerd wordt door aan te sluiten bij het (tempo en niveau van het) kind de belangrijkste basisopdracht. Dat wordt in de bouwstenen niet benoemd.

Bij Curriculum.nu wordt veel de term ‘leren’ gebruikt. Dat sluit niet goed aan bij de kinderopvang waar veel meer gesproken wordt over ontwikkelen.

Door in het curriculum voor het onderwijs meer te spreken over ‘ontwikkelen’ (stimuleren, aanbieden, etc.) kan beter worden aangesloten bij het aanbod voor het jonge kind tot 6 jaar. Dat geeft ruimte voor plezier, nieuwsgierigheid en beleving. Van het onderwijs is de verwachting dat kinderen er leren van de leerkracht. In de kinderopvang is het uitgangspunt dat kinderen ook veel van elkaar en van hun omgeving leren. Dit wordt wel benoemd in de visie maar niet in de bouwstenen.

Reflectie per leergebied

Burgerschap - Socialisatie door overdracht van algemeen aanvaarde normen en waarden
In de kinderopvang vormt de persoonlijke en sociale ontwikkeling de kern van zowel het formele pedagogisch curriculum als het handelen in de praktijk (‘hoe mens te zijn’, ‘mag ik er zijn’, ‘kind dat gezien wordt’, ‘helpen in hun ontwikkeling’).
De bouwstenen sluiten op tekstniveau niet direct aan bij de kinderopvang, maar de onderliggende boodschap wel. De kinderopvang wordt als minimaatschappij beschouwd, om de vanzelfsprekendheid van burgerschap te illustreren. In de bouwstenen voor Burgerschap zijn de vier doelen van het Pedagogisch curriculum goed herkenbaar.

Nederlands - Taalontwikkeling
De begrippen die zijn benoemd als bouwstenen in Curriculum.nu sluiten goed aan bij de begrippen die in de kinderopvang in gebruik zijn. Alle bouwstenen zijn ook relevant voor de leeftijd nul tot vier, passend bij hun ontwikkeling.
In het Pedagogisch curriculum voor de kinderopvang heeft taalontwikkeling een bredere scope omdat er holistisch wordt gewerkt. Taal gaat over cultuur, identiteit en communicatie. Doordat de kinderopvang geïntegreerd werkt vindt taalontwikkeling plaats tijdens alle activiteiten: eten, verzorgen, spelen plus door expliciet te oefenen.

Bewegen & Sport – Fysieke ontwikkeling
De door Curriculum.nu gehanteerde terminologie komt niet direct overeen met de terminologie die in het Pedagogisch curriculum wordt gehanteerd. Het verschil zit niet in de uitvoering, maar in de formulering.
In de kinderopvang wordt bewegen en sport niet alleen belangrijk gevonden voor de gezondheid van kinderen, maar ook om plezier te maken, leren om te gaan met emoties en tegenslagen, anderen leren helpen, het zelfvertrouwen te vergroten, lekker in je vel zitten, leren je te concentreren en als middel om de wereld te ontdekken. Verder weten we uit recent wetenschappelijk onderzoek dat bewegen het brein stimuleert om tot leren te komen. De kinderopvang ziet het bevorderen van bewegen ook als een verantwoordelijkheid omdat er vaak in de thuissituatie minder aandacht voor is.
De kinderopvang heeft veel aandacht voor gezonde voeding, dat wordt gemist in de bouwstenen.

Kunst & Cultuur - Kunst, cultuur en creativiteit
De terminologie die voor deze bouwstenen wordt gebruikt is abstracter dan de kinderopvang als ervaren.
De inhoud van de bouwstenen is terug te vinden in het Pedagogisch curriculum voor de kinderopvang. Alle onderwerpen komen erin terug en er is sprake van een breed aanbod.
In de kinderopvang heeft het thema Kunst en Cultuur ook betrekking op het ervaren van schoonheid en emotie en om plezier hebben. Jonge kinderen gaan dingen voor de eerste keer onthouden en herinneren, ze gaan ontdekken wat zij leuk en niet leuk vinden. Kunst, cultuur en creativiteit dragen bij aan een rijke leeromgeving waarin kinderen ervaringen opdoen, experimenteren, beleven en spelen.

Rekenen en Wiskunde – Ontluikende gecijferdheid
In het Pedagogisch curriculum wordt beschreven hoe in de kinderopvang aandacht besteed kan worden aan de ontwikkeling van ontluikende gecijferdheid. De bijdrage van de kinderopvang aan dit leergebied wordt lang niet altijd expliciet gemaakt. Dat kan de aansluiting in groep 1 belemmeren.