bkk tivappel

Taal- en interactievaardigheden

Taal in = taal uit

In het boek Kinderkoppie wordt uitgelegd dat goede taalvaardigheid van de opvoeder voor kinderen belangrijk is om van te leren: ‘Begin met heel jonge kinderen, al lang voordat ze zelf praten, met het aanbieden van taal. Praat veel en duidelijk. Praat bovendien niet ‘kinderachtig’. Een kind is meer dan je denkt in staat de betekenis van woorden te leren.
Verder is het belangrijk om al jong taal en spraak als in gespreksvorm te oefenen. Geef bijvoorbeeld ‘de beurt’, doe vraag- en antwoordspelletjes en debatteer al met een jong kind.
In meerdere voorschoolse programma’s is aangetoond dat wanneer pedagogisch medewerkers langere zinnen met meerdere woorden gebruiken, dat bij de kinderen leidt tot een beter taalgebruik en hogere woordenschat. Bewezen is dat zelfs bij kinderen met achterstanden nog voor een groot deel de schade ingehaald kan worden’.
‘Pasgeborenen en zelfs kinderen in de baarmoeder zijn al actief met het verwerven van taal en spraak. Opvoeders kunnen niet veel meer doen dan er voor te zorgen dat het kind met voldoende en met voldoende complexe taalervaringen in aanraking komt. De taal- en spraakvaardigheid van de opvoeder is de belangrijkste bron voor een jong kind. Voor vrijwel alle kinderen is dat genoeg om de aanleg tot ontwikkeling te brengen’.

Bron: ‘Kinderkoppie’, 2010, Betsy van de Grift

Taal en spel

In het boek ‘Speels, liefdevol en vakkundig’ leggen de schrijvers uit dat je taal bij kinderen kunt stimuleren met ‘speelpraten, doenpraten en denkpraten’. ‘Doenpraten is praten over wat er gebeurt in de gezamenlijke activiteiten. Taalverwerving is gebaat bij taalaanbod dat de handelingen begeleidt. Woorden tijdens gezamenlijke activiteiten maken taal betekenisvol op dat moment. Verzorgingsactiviteiten, zoals verschonen, eten, drinken, veters vastmaken en jassen aantrekken, vormen goede gelegenheden voor doenpraten.

Maar ook spel biedt allerlei mogelijkheden: kiekeboe, verstopspelletjes, spel zonder speelgoed, doen-alsof spel in rijke hoeken. Doenpraten is heel belangrijk voor het vergroten van de woordenschat. Het verbindt taal met de wereld.

Bron: ‘Speels, liefdevol en vakkundig’, 2013, Elly Singer en Dorian de Haan